SAM_1555
SAM_1558
Binnenkort (als alles gaat zoals het moet gaan) beginnen de opnames van Mirakel tv, een tv-programma over de kunstgeschiedenis van Rotterdam. Ik zit in de redactie, samen met allemaal oude, wijze professors (en dit bedoel ik op de liefste manier – hopelijk word ik er zelf ooit een) en  ik doe de presentatie.
Om er in te komen, begon ik gister aan een boekje dat ik jaren geleden eens kocht vanwege de kaft: Kunstgrepen, uit 1961 (uitgegeven door mijn uitgever: De Bezige Bij!) van Pierre Janssen, de toenmalige directeur van het Stedelijk Museum van Schiedam (want dat is er dus, een stedelijk museum in Schiedam).
Het boekje is gebaseerd op het script van het gelijknamige tv programma van de Avro. Dat, volgens Wikipedia (waar ik nooit op mag vertrouwen, volgens mijn bazen bij de krant, maar dat doe ik nu even toch) ‘wellicht het eerste kunstprogramma was op de Nederlandse televisie… Het programma trok gemiddeld twee miljoen kijkers per uitzending en er werden ongeveer 100 afleveringen uitgezonden.’
Zoals wel vaker met stoffige boekjes die ik alleen kocht vanwege de kaft, blijkt het boekje, jaren later, ineens gewoon ook heel leuk om te lezen.
Dit zegt Meneer Janssen in de inleiding:
“Ik kan er echt niks aan doen als men de beeldspraak wat te gezocht vindt, maar dikwijls doet de samenleving mij denken aan een Chinees restaurant, compleet met parkieten in een kooi. Daar zitten mensen te eten en zij weten niet wat zij eten, zij weten niet eens wat er op de winkelruit staat, en daar praten de Chinese bedienden onverstaanbaar met elkaar, en andere Chinezen zijn Javanen, of Ambonezen, en de parkieten praten driftig en hebben hun eigen machtsverhoudingen en hun eigen roddel en niemand kent niemand, niemand begrijpt niemand (…) Overal zijn er glazen wanden tussen ons, en het is voor mij een levensbehoefte geworden, die wanden te verschuiven of weg te nemen. Noem het onbescheidenheid, noem het kamertjesvrees, noem het wat men wil – ik geef het als verklaringen voor mijn pogingen, ook door het glazen scherm van televisietoestellen heen te dringen.’
En dit vroeg hij het Nederlandse publiek tijdens aflevering één van zijn tv-programma: ‘Ben ik net-echt, zoals ik op televisie in uw huiskamers verschijn, achter een raar glaasje, aanzienlijk veel kleiner dan mijn trotse twee meter vijf? U hoort mijn stem en u ziet me, maar ziet u mij? U ziet en hoort niets anders dan een kunstgreep, een schim en een echo, die door de lucht naar u toe worden gedragen en op allerlei vreemde manieren in een kastje in elkaar worden geknutseld tot een nieuwe Janssen, wat zeg ik, tot dertig nieuwe Janssens (want zo veel toestellen staan er nog wel aan, hoop ik). Ik ben bij u, maar ik ben niet bij u. Hier sta ik, in Bussum, en ik bereik u, maar kan ik u bereiken? Zelfs in mijn verkleinde uitvoering kan ik niet door uw ruitje. Hier is mijn hand, die ik u niet geven kan.’

Best wel briljant.
Hier is Meneer Janssen in actie: